Randomized Phase-II Study of Nivolumab Plus Ipilimumab vs. Standard of Care in Untreated and Advanced Non-clear Cell RCC (SUNIFORECAST).


Protocolnummer:
NCT03075423

Ziekenhuizen:
NKI / A.v.L ziekenhuis Amsterdam
Universitair Medisch Centrum Groningen

Titel:
Randomized Phase-II Study of Nivolumab Plus Ipilimumab vs. Standard of Care in Untreated and Advanced Non-clear Cell RCC (SUNIFORECAST).nivolumab + ipilimumab (4 kuren) gevolgd door nivolumab monotherapie versus standard behandeling

Behandeling:
nivolumab + ipilimumab (4 kuren) gevolgd door nivolumab monotherapie versus standard behandeling

Stadium:

Belangrijkste in/exclusiecriteria:

Inclusie criteria

Histologische bevestigd niet-heldercellig niercelcarcinoom met ten minste 50% niet-heldercellige componenten overeenkomstig de actuele WHO-classificatie.

Gevorderde (niet geschikt voor curatieve chirurgie of bestraling) of uitgezaaide nierkanker (AJCC stadium IV)

Karnofsky >70%

Meetbare laesie conform RECIST v1.1

Tumorweefsel moet beschikbaar zijn en naar de centrale pathologische onderzoeker gestuurd worden voor de bevestiging van de diagnose

Patiënten uit alle risicocategorieën worden tot de studie toegelaten.

Exclusiecriteria

Actieve hersenmetastasen die behandeling met systemische corticosteroïden vereisen. Baseline MRI-scan van de hersenen is vereist bij patiënten met klinische tekenen van mogelijke CZS-betrokkenheid binnen de 28 dagen voorafgaand aan de randomisatie.

Tumoren met een heldercellige component van ≥50%.

Voorgaande systemische therapie met VEGF- of VEGF-receptor doelgerichte therapie (met inbegrip van, maar niet beperkt tot sunitinib, pazapanib, axitinib, tivozanib en bevacizumab) of eerdere therapie met een mTOR-remmer of cytokines.

Eerdere therapie met een anti-PD-1, anti-PD-L1, anti-PD-L2, anti-CD137, of anti-CTLA4 antilichaam, of enig ander antilichaam of geneesmiddel dat specifiek gericht is op T-cel co-stimulatie of checkpoint paden.

Elke actieve of recente voorgeschiedenis van een bekende of vermoede auto-immuunziekte of recente voorgeschiedenis van een syndroom met een noodzaak voor systemische corticosteroïden (>10 mg per dag prednison equivalent) of auto-immuunsuppressieve geneesmiddelen behalve voor syndromen waarvan niet verwacht wordt dat ze bij afwezigheid van een externe trigger zullen terugkeren.

Elke aandoening die een systemische behandeling met corticosteroïden vereist (>10 mg per dag prednison equivalent) of andere auto-immuunsuppressieve geneesmiddelen binnen de 14 dagen voorafgaand aan de eerste dosis van de studiemedicatie. Geïnhaleerde steroïden en adrenaline vervangende steroïde doses (>10 mg per dag prednison equivalent) zijn toegelaten bij afwezigheid van een actieve auto-immuunziekte.

Ongecontroleerde bijnierinsufficiëntie

Symptomatische hartritmestoornissen, ongecontroleerd atriumfibrilleren of een verlengde QT tijd volgens het Fridericia gecorrigeerd QT (QTcF) interval gedefinieerd als > 450 msec voor mannen en >470 msec voor vrouwen, waarbij QTcF = QT/3√RR.

Onvoldoende gecontroleerde hypertensie (gedefinieerd als systolische bloeddruk (SBP) van ≥ 150 mmHg of diastolische bloeddruk (DBP) van ≥ 90 mmHg), ongeacht bloeddruk verlagende behandeling.

Een voorgeschiedenis waaronder een van de volgende cardiovasculaire aandoeningen binnen 12 maanden van inschrijving: angioplastiek of stenting, myocardinfarct, instabiele angina pectoris, coronaire bypass-operatie (CABG), symptomatische perifere vasculaire aandoening, hartfalen klasse III of IV zoals gedefinieerd door de New York Heart Association.

Een voorgeschiedenis van CVA inclusief TIA binnen de laatste 12 maanden.

Een voorgeschiedenis van diepe veneuze trombose behalve indien voldoende behandeld met laagmoleculair gewichts heparine (LMWH)

Een voorgeschiedenis van longembolieën binnen de laatste 6 maanden, behalve indien stabiel, asymptomatisch en behandeld met LMWH gedurende tenminste 6 weken.

Een voorgeschiedenis van abdominale fistel, gastro-intestinale perforatie of intra-abdominaal abces binnen de laatste 6 maanden.

Ernstige niet-genezende wond of zweer

Bewijs van actieve bloeding of bloedingsneiging, of medisch significante bloeding binnen 30 dagen voorafgaand aan de studie.

Alle indicatie voor anti-coagulantia, behalve voor LMWH

Een eerdere maligniteit die 3 jaar voorafgaand aan het onderzoek actief was, met uitzondering van lokale tumoren die kennelijk zijn genezen, zoals basaalcelcarcinoom of plaveiselcelcarcinoom van de huid, oppervlakkige blaaskanker of carcinoma in situ van de prostaat, baarmoeder of borst.

Een bekende voorgeschiedenis van positieve test op HIV of AIDS

Elke positieve test op hepatitis B of C virus die wijst op een acute of chronische infectie.

Bekende medische aandoeningen (bv een aandoening geassocieerd met diarree of acute diverticulitis) die, volgens de mening van de onderzoeker het risico zou verhogen dat gepaard gaat met de deelname aan de studie of de toediening van de studiemedicatie of de interpretatie van de studieresultaten.

Zware operatie (bv nefrectomie) minder dan 28 dagen voorafgaand aan de eerste dosis van de studiemedicatie

Anti-kankertherapie minder dan 28 dagen voorafgaand aan de eerste dosis van de studiemedicatie of palliatieve radiotherapie minder dan 14 dagen voorafgaand aan de eerste dosis van de studiemedicatie.

De gelijktijdige toediening van CYP3A4 inductoren of sterke CYP3A4 remmers

Verminderde gastrointestinale functie of maagdarmziekte die de absorbtie van de standaard behandeling significant kan veranderen (zoals malabsorptie syndroom, ulceratieve ziekte, ongecontroleerde misselijkheid, braken diarree of dunnedarm resectie).

LVEF lager dan de ondergrens van normaal bij echo of MUGA

Een van de volgende laboratorium test bevindingen:

Leukocyten < 2,0*10^9/L

Neutrofiele granulocyten < 1,5*10^9/L

Bloedplaatjes <100*10^9/L

AST of ALT >3 x ULN (>5 x ULN als levermetastasen aanwezig zijn)

Totaal bilirubine > 1,5 x ULN (Met uitzondering van personen met het syndroom van Gilbert, die totaal bilirubine mogen hebben <3.0 mg/dL)

Serum creatinine >1.5 x bovengrens van normaal of creatinineklaring <40 mL/min (volgens Cockroft-Gault)

Geschiedenis van ernstige overgevoeligheidsreactie aan een monoclonaal antilichaam

Contactpersoon:
Dr. S.Oosting, UMCG

Alle niercelcarcinoom trials